Baltische Zielen 2015

Programma “Baltische zielen” naar het boek van Jan Brokken

Exicon m.m.v. Līga Vilmane (orgel, celesta), Folkert Buis (slagwerk), Ruben Sanderse (altviool)

 

Zondag 29 november 2015 - 14:15 uur

Orgelpark

Gerard Brandstraat 26

1054 JK Amsterdam

 

P. Vasks (*1946) Te Deum (1991) (orgelsolo)

LEZING

U. Sisask (*1960) uit “Eesti-missa”: Sanctus, Agnus Dei voor koor en orgel (Estland)

P. Vasks (*1946) Pater noster (Letland)

V. Miškinis (*1954) Ad te Dominum levavi (Litouwen)

Ē. Ešenvalds (*1977) Stars (Letland)

LEZING

A. Pärt (*1935) Cantate Domino voor koor en orgel (Estland)

A. Pärt Annum per Annum (orgelsolo)

PAUZE

LEZING

M. Feldman (1926 – 1987) Rothko-chapel voor koor, viola, celesta en slagwerk

 

 

Toelichting

De Baltische landen: Estland, Letland en Litouwen kennen een rijke koortraditie, er worden regelmatig grootse korenfestivals georganiseerd en zingend werd geprotesteerd in de jaren van de geweldloze strijd voor hernieuwde onafhankelijkheid, de zingende revolutie (1985 – 1991).

Het programma van Exicon en organiste Liga Vilmane (geboren in Letland) is geïnspireerd op het boek „Baltische zielen“ van Jan Brokken. In het boek wordt de geschiedenis van het Balticum, vooral de 20e eeuw en de spannende ontwikkelingen na het uiteenvallen van de Sovjet-Unie, verteld door de levenswegen van beroemdheden of gewone mensen te volgen.

Het concert begint met het “Te Deum” voor orgel van Pēteris Vasks (1946; Letland). De muzikale taal van dit werk is gebaseerd op de traditie van de Letse koorzang, die in zijn eenvoud in eerste instantie schijnbaar naïef en sentimenteel kan lijken. Dit werk, geschreven in het begin van Letland’s "derde ontwaken" is rijk aan contrasten. Het begint met een majestueus deel die het postulaat "Ik geloof" bevestigt. De daaropvolgende delen getuigen van hetzelfde idee vanuit verschillende invalshoeken. In eerste instantie is het als een onderdompeling in een andere werkelijkheid, vol met wonder van God’s wereld. Een energiek polyfoon fuga volgt en eindigt in een hymne, een vreugdevolle lofzang. Het afsluitende deel van Te Deum is een typisch voorbeeld van de composities van Vasks - een zachte, heldere conclusie, zoals Lux Aeterna, eeuwig licht geschonken aan de mensheid ...

Uit de Estonian Mass, op. 36 van de Estse componist Urmas Sisask zal het “Sanctus” en het “Agnus Dei” klinken. Sisask heeft een intensieve studie gemaakt van gregoriaanse gezangen en de vroege polyfonie. Daarnaast is Sisask sterrenkundige en bestudeerde hij onder andere het zonnestelsel en berekende de klanken die horen bij de rotaties van de planeten.

Pēteris Vasks (1946; Letland) zette het “Pater Noster” op muziek in 1991. Alhoewel niet specifiek geschreven ter nagedachtenis van zijn vader leidde het overlijden van zijn vader wel tot het componeren van dit werk.

“Ad te domino Levavi” is het derde deel uit de Thoughts of Psalms, een compositie van Vytautas Miškinis (1954; Litouwen). Miškinis is koordirigent, pedagoog en componist. Als componist is hij erg populair in Litouwen en het buitenland. Hij schreef meer dan 400 seculiere en ongeveer 150 religieuze werken en meer dan 100 arrangementen van volksliedjes voor diverse ensembles. Zijn werken tonen een nauwe band tussen muziek en tekst. Zijn religieuze muziek is vooral gebaseerd op Latijnse teksten.

Van de Letse componist Ēriks Ešenvalds klinkt de compositie “Stars” op een gedicht van Sara Teasdale waarbij Exicon zichzelf begeleidt op een glasorgel.

Tabula rasa, het hoofdstuk in “Baltische Zielen” over Arvo Pärt, verwoordt diens indrukwekkende zoektocht naar een eigen manier van componeren. Pärt maakte een muzikale ontwikkeling door van een jeugdig experimenteren met serialisme, via muzikale collages (waarin barokachtige tonale muziek en atonaliteit verwikkeld zijn in een onoplosbare strijd), tot de ontdekking van zijn eigen 'tintinnabuli' stijl: 'het is voldoende als een enkele noot mooi gespeeld wordt.’ In het programma volgen een tweetal stukken om deze zoektocht te illustreren: “Cantate Domino” (voor orgel en koor) en “Annum per Annum” (orgel).

Pärt schreef Annum per annum (jaar na jaar) in 1980 in opdracht van de Südwestfunk in Baden-Baden ter gelegenheid van het 900-jarig bestaan van de Kathedraal in Speyer. Het werk bestaat uit 5 delen (variaties op een opeenvolgende veranderende cantus firmus). Elk deel wordt aangeduid met een letter: K – G – C – S – A, de initialen van het Kyrie, Gloria, Credo, Sanctus, Agnus Dei. Ze symboliseren de mis, die dagelijks en “jaar na jaar” werd gevierd gedurende 9 eeuwen in de Kathedraal van Speyer.

Na de pauze klinkt de compositie: “Rothko Chapel” van Morton Feldman. Mark Rothko begon zijn leven als Marcus Rothkowitz. Tot zijn tiende woonde hij in Dvinsk (Letland). In Baltische Zielen wordt de geschiedenis van enkele leden van de familie Rothkowitz beschreven. Over zijn werk schrijft Brokken: ‘… Rothko bracht tien, twaalf, veertien en soms wel twintig verflagen op het doek aan die zo dun en doorzichtig waren als vloeipapier. In iedere laag week hij net iets af van de voorgaande kleur … Hij gaf iedere kijker de sensatie in een onbekende, onwerkelijke, schimmige wereld door te dringen die zowel de hemel als de hel zou kunnen zijn.’ Voor de serie schilderijen die Tate Modern in Londen bij hem bestelde gebruikte hij nog maar twee kleuren: grijs en zwart. De doeken inspireerden The Rolling Stones tot een van hun grootste hits: Paint it Black. Tijdens de uitvoering zal cultuurjournalist en fotografe Hedy Hempe een fotocollage tonen.

 

© Copyright. All Rights Reserved.