Im Herbst

V. Tormis (*1930)

uit „Sügismaastikud“ (Herfstlandschappen)

- On hilissuvi

- Üle taeva

- Tuul könnumaa kohal

E. Rautavaara (1928 – 2016)

Sommarnatten

F. Mendelssohn-Bartholdy (1809 – 1847)

Herbstlied

C. Micháns (1950)

 

uit „Herbstlieder“

- Herbsttag

- Die Irren - Herbst

J. Brahms (1833 – 1897)

Letztes Glück

PAUZE

 

A. Diepenbrock (1862 – 1921)

Chanson d`automne

Gedicht Jongkind voorgedragen door

Egbert van Hattem

 

A. Ducret (*1945)

Arc en ciel

J. MacMillan (*1959)

The gallant weaver

R. Tas (*1957)

Flowers of life

Traditional / arr. D. Meader (*1961)

The last rose of summer

 

 

 

Veljo Tormis (Estland 1930) studeerde compositie aan het conservatorium in Moskou. Een belangrijke inspiratiebron voor Tormis zijn altijd de woorden. Zijn voorkeur gaat uit naar poëzie waarin bepaalde natuurverschijnselen worden beschreven of toestanden van de natuur, bijvoorbeeld een periode van droog weer of van vorst. Koorwerken met dergelijke teksten hebben een behoorlijk visueel karakter – als muzikale schilderijen. Het in 1965 gecomponeerde ‘Sügismaastikud’ (Herfstlandschappen) is daarvan een van de beste voorbeelden.

De compositie “Sommarnatten” (zomernacht) van de Finse componist Einojuhani Rautavaara (1928 – 2016) is gebaseerd op een Fins volksliedje. De tekst is van Ernst Viktor Knape (1873-1929) en beschrijft een warme, heldere en gedenkwaardige zomernacht…….

Carlos Micháns (Buenos Aires 1950) studeerde in zijn geboortestad compositie en directie aan de Universiteit en aan het Teatro Colón. Een beurs van het ministerie van O&W bracht hem in 1982 naar Nederland waar hij compositie en elektronische muziek studeerde aan het Utrechts Conservatorium bij Hans Kox, Ton Bruynèl en Tristan Keuris. Het oeuvre van Carlos Micháns bevat composities voor orkest, koor en elektronica en veel solo en kamermuziekwerken voor diverse bezettingen. Hij is winnaar van diverse internationale compositieprijzen. De “Herbstlieder” op teksten van Rainer Maria Rilke werden in 1989 geschreven voor de Utrechtse Studenten Cantorij.

Alphons Diepenbrock (1862-1921) was geen beroepsmusicus en als componist autodidact. Hoewel contact met musici voor hem zeer inspirerend werkte, maakte zijn status als doctor in de klassieke letteren zijn relatie met de muziekwereld altijd wat moeizaam. Chanson d'automne van Paul Verlaine is een van de bekendste gedichten uit de Franse taal geworden. De eerste twee regels van het gedicht werden door de geallieerden via Radio Londen als code doorgegeven aan het Franse verzet. Zodra de eerste regel van het gedicht (Les sanglots longs) was doorgegeven, wist het verzet dat de invasie op korte termijn zou plaatsvinden; de tweede regel (Des violons de l’automne) gaf aan dat de landing binnen 24 uur zou beginnen.

André Ducret (Zwitserland 1945) won als componist meerdere prijzen. Een daarvan kreeg hij voor het vierstemmige poëtische koorwerk Arc en Ciel (Regenboog) tijdens de competitiewedstrijd Rainbow in Barcelona (2002-2003). In de regenboog ziet componist/tekstschrijver Ducret een symbolische belofte voor eeuwigdurende vrede.

Sir James MacMillan (Schotland 1959) is één van de meest succesvolle hedendaagse componisten en is daarnaast ook internationaal actief als dirigent. Zijn composities zijn overspoeld met invloeden van zijn Schotse erfenis, katholieke geloof, sociaal geweten en een nauwe band met Keltische volksmuziek. MacMillan componeerde “The Galant Weaver” in 1997 naar het gedicht van de Schotse dichter Robert Burns. Een meisje vindt de ware liefde bij een wever en niet zoals vader en moeder wensten bij de wat beter gesitueerde huwelijkskandidaten. Het stuk begint met drie in elkaar verweven sopraanstemmen, de andere stemmen zijn slechts begeleiding.

De cyclus met de beeldende titel “Flowers of Life” is geschreven door Rudi Tas (België 1957) naar verschillende dichters uit de 18e en 19e eeuw en geeft een afwisselend beeld weer van het leven: Birthday! Of menselijke gevoelens (lachen en huilen) en hoe kan het ook anders zijn, de liefde!

Als afsluiting van het programma klinkt de traditional “The Last Rose of Summer” in een arrangement van Darmon Meader (Amerika 1961). In het gedicht van Thomas Moore wordt een enkel, overlevende bloem gebruikt als een metafoor: als liefde is verdwenen dan rest slechts kilte.

Een aantal teksten van dit programma zijn vertaald door Egbert van Hattem. Hij zal een aantal hiervan tijdens het concert voordragen. Egbert van Hattem was in 2011 Campusdichter van de Universiteit Twente i.v.m. het 50-jarige bestaan van de universiteit. Daarna zijn een aantal van zijn gedichten gepubliceerd bij uitgeverij Kontrast (Stadsgedichten) en heeft hij medewerking verleend aan enkele foto/schilderij-exposities.

 

© Copyright. All Rights Reserved.